|
Waar haalde caïn zijn vrouw vandaan? |
|
|
|
- . De mens kreeg direct bij zijn schepping al de opdracht vruchtbaar te zijn en zich te vermenigvuldigen (Gen. 1:28). Deze opdracht werd nog eens herhaald in Genesis 2:24 waar staat dat zij één vlees zouden zijn.
---> Wij kunnen vooronderstellen dat zij aan deze opdracht meteen gehoor hebben gegeven en dat Eva (toen nog mannin geheten) kinderen ter wereld heeft gebracht. - Zijn er gegevens die deze vooronderstelling zouden kunnen bevestigen?
- Na de zondeval was de vloek voor de vrouw dat de moeite van haar zwangerschap vermeerderd zou worden. Hieruit mogen we concluderen dat Eva wist wat zwangerschap was, terwijl er van Caïn en Abel toen nog geen sprake was.
- Dat zij met smart kinderen zou gaan baren zou voor haar alleen betekenis hebben gehad als ze wist hoe het was om zonder smart kinderen te baren (Gen. 3:16).
- Ook de naamsverandering van Manninne naar Eva, wat levensbron betekent, kan een aanduiding zijn dat zij reeds meerdere kinderen gebaard had; in Genesis 3:20 staat waarom zij Eva genoemd werd namelijk omdat zij de moeder van alle levenden was (letterlijk vertaald).
- Pas in Genesis 4:1 staat dat zij zwanger werd en Caïn baarde. Zij zegt daarbij 'met des Heren hulp heb ik een man verkregen' wat weer een aanwijzing zou kunnen zijn dat haar eerdere kinderen dochters zijn geweest.
- Er staat in Genesis 4:17 dat Caïn gemeenschap had met zijn vrouw en dat zij zwanger werd en Henoch baarde. Daarna stichtte Caïn een stad en noemde die naar zijn zoon Henoch. Als Adam en Eva, Caïn en zijn vrouw en zoon Henoch de enige bewoners zouden zijn geweest was een uitbouw aan hun huis voldoende geweest en was het niet nodig een hele stad te bouwen.
- De bijbel leert ons duidelijk dat alle mensen van Adam en Eva afstammen. Er moeten in het begin daarom huwelijken zijn geweest tussen broers en zussen. In die tijd kon dat weinig of geen schade berokkenen in het nageslacht omdat afwijkingen (foutieve doorgave van genetische informatie) een lange tijd nodig hebben om te ontstaan. Ook was in de tijd vóór de zondvloed straling van de zon meer gefilterd dan nu. Dit en verschraling van de zuurstof, worden geacht te hebben bijgedragen aan het aftakelingsproces van de mens.
Omdat de mens toen veel langer leefde (Adam werd 930 jaar oud) konden zijn nakomelingen zich al meer hebben uitgebreid voordat Caïn in het land van Nod een vrouw vond die niet een van zijn zusters hoefde te zijn.
|